|
Geschreven door Quito Nicolaas
|
|
Wednesday 15 April 2009 |
Journalist Anil Ramdas verbleef in 2006 een jaar lang in Suriname om de veranderingen op te sporen. In zijn boek Paramaribo…de vrolijkste stad in de jungle beschrijft hij de situatie na drie decennia onafhankelijkheid. Een land dat in tijden geen vooruitgang heeft gekend, noch in economisch noch in technologisch opzicht. Een internetverbinding die steeds weer uitvalt en de talloze pogingen die gedaan werden om de verbinding met de buitenwereld te activeren. Maar ook hoe traag en knullig het maken van een afspraak met een directeur of ambtenaar verloopt. Via allerlei omwegen moet je dan proberen om de man te spreken.
Ramdas verhaalt over de wankele tafels en stoelen die met bierviltjes stabieler worden gemaakt. Een karwei dat dagelijks twee uren in beslag nam. Of wanneer de ambassadeur de president voorstelde om de klok te laten oliën, deze hem antwoordde: ,,Nee, dank u, we willen niet dat Nederland weer uitmaakt hoe laat het is in Suriname.” Tal van voorbeelden die laten zien dat de klok al geruime tijd stil staat. Er wordt een bevolkingspolitiek gevoerd door middel van steeds meer Chinezen en Brazilianen te importeren. Niemand die zich hierom druk maakt. Ook niet de aanwezige intelligentsia en schrijversbeweging en als die reageren dan is het zeer lauw. De regering kijkt naar links en naar rechts in het parlement en voert het uitgestippelde regeringsbeleid gewoon door. Aan de andere kant bruist het nachtleven waardoor het land in een versnellingsproces raakt. De talloze Hindoestaanse en Javaanse meisjes die men in de nachtelijke uren als animeermeisjes tegenkomt. Betekent dit gegeven dat de Hindoestanen en Javanen van de arbeidsmarkt zijn verdrongen? De informele sector heeft altijd gebloeid en voor extra centjes gezorgd. Tijdens zijn bezoekjes aan bepaalde tenten kwam Anil voornamelijk Hindoestanen tegen die hun whisky rijk lieten vloeien. Mannen die vroeger hun woning nooit verlieten voor het vertier buitenshuis. Zijn ze dan minder ondernemend dan vroeger? Neen, ze zijn tot alle gelederen van de maatschappij doorgedrongen. De economische macht ligt nog altijd bij de Hindoestanen, terwijl de politieke macht het domein is van de Creolen. Zo’n machtsverdeling die beide groeperingen tevreden moet stellen met hun rol in de samenleving. Er gaan stemmen op om het Nederlands, ondanks dat Suriname lid is geworden van de Nederlandse Taal Unie, te vervangen door het Engels of Portugees als officiële taal. Je kunt je afvragen of de journalist doelbewust deze ironische schets van zijn land had gemaakt. V.S. Naipaul had destijds bij zijn bezoek aan Suriname in de jaren zestig ook al hetzelfde geconcludeerd en zich in schofterige bewoordingen geuit. De oude structuren van voor 1975 zijn intact gebleven en sindsdien is er sprake van verpaupering zowel materieel als cultureel. Misschien had Ramdas beter aan gedaan om met hetzelfde oog van een activist tijdens het onafhankelijkheidsproces de balans op te maken. Met dit boek maakt hij van zijn geboortegrond een karikatuur van een backward society. Vele vragen zijn onbeantwoord gebleven. Surinamers die het boek lezen kunnen echter alleen maar ontkennend of bevestigend met het hoofd knikken. Het boek verdient voor het journalistieke werk van de auteur *****
Titel: De vrolijkste stad in de jungle
Auteur: Anil Ramdas
ISBN: 978 90 234 3977 6
Omvang: 256 bladzijden
Uitvoering: Paperback
Prijs: € 17.50
|