Vanaf
midjaren tachtig is de politieke cultuur op Aruba sterk ontwikkeld en kent de drie
meest beluisterde radiostations een inbelprogramma voor hun luisteraars. Hoewel
de programma’s sterk politiek gekleurd zijn, neemt dit niet weg dat luisteraars
ruimte wordt geboden om hun kritiek op de gang van zaken te uiten.
Het feit dat deze
radiorubrieken al jaren bestaan en dagelijks tientallen aan het woord komen, bewijst
niet alleen hun bestaansrecht maar tevens dat ze in een leemte voorzien. In de
kranten zie je steeds vaker een redactioneel commentaar, opiniërende artikelen
en ingezonden stukken. Dit wijst op een veranderende cultuur en taakopvatting
bij de redacties van de dagbladen. Alleen het geheel aan nieuwsaanbod dat wordt
voorgeschoteld blijft een onderdeel van een groter belang deel uitmaken.
Hiervoor zijn de achtergrondartikelen voor bedoeld, maar juist die
ontbreken in de Papiamentstalige
ochtendbladen. De tijdschriften zijn op een ander marktsegment gericht en
daarom meer dan ooit gericht op de glitter en glamour. In elk geval de
passiviteit bij het verwerven van nieuws is er niet meer bij. De lezer wordt op
een kritische wijze geïnformeerd en is in staat een eigen standpunt
te bepalen, echter het zijn de mechanismen van de oude cultuur die men weer
doet terugvallen op de heilige tradities van de politieke verzuiling.
Ook
tijdens de recent gehouden verkiezingen in 2009 durft men tegenwoordig veel
meer dan vroeger om ronduit voor hun politieke kleur te komen. Men gaat op de
radio zelfs een stap verder om hun standpunten of die van hun partij uit te
leggen en te verdedigen. Van de andere kant zie je soms van die ingezonden
stukken, waarbij geen naam is vermeld of naam bij de redactie bekend. Bij een
deel van de burgers is dit de opvatting van wat democratie is, en dat je beter
je naam niet vermeldt om represailles te voorkomen.
Op tv zie je de opkomst van
talk-shows, zoals van Lacle &
Trappenberg die een heikel onderwerp behandelen. Dit naast de traditionele
interviews met ministers en premier van het land. De vraag is of dit een nieuwe
werkelijkheid of schijn is? Of het alleen in tijden van machtswisseling
voordoet of een permanent karakter heeft? Over het algemeen is de Arubaan meer
geneigd om zijn mening, standpunt of kritiek in kleine kring met anderen te
delen. Dit is hoofdzakelijk te wijten aan het fenomeen van de cultuur van het zwijgen die via het onderwijs aan kinderen en
ouders wordt opgelegd.
Debatcultuur
Na 25 jaar Status Aparte is er nog steeds een latent debat-cultuur
aanwezig, waar men met elkaar in een diepgaande discussie treedt over inhoud en
betekenis van een thema. Het is alsof men alles overlaat aan de gevestigde
instituties: regering – parlement-
politieke partijen; werkgevers – vakbeweg-ing;
welzijnsinstellingen – kerk – charitatieve stichtingen. Anders dan het
voeren van een debat vindt meer een polarisatie rondom ideeën plaats die als aanvulling op
de bestaande gedachte moet gelden.
Misschien zijn het de stuiptrekkingen van
een jonge democratie of nadelen van kleinschaligheid met gevolgen die dat kan
opleveren voor betrokkene of familieleden. Juist in een tijd dat politici,
bestuurders en het volk hun greep op de ontwikkelingen kwijt zijn - dit was in
het verkiezingsjaar 2009 het geval - en deze niet langer kunnen benoemen, wordt
een beroep gedaan op de verbeelding. Kunstenaars, schrijvers, dichters en
theatermakers hebben dan de taak om via hun werken de verbeeldingskracht bij
het volk te activeren en te vergroten.
Literatuur
In de
afgelopen 25 jaar zien we een geweldige verandering op het literaire vlak. Dit
manifesteert zich in een toename van boekpublicaties en m.n. in de eigen taal
het Papiamento. Vanaf de jaren zeventig
bestaat een kleine groep proza schrijvers als L. Booi, Y. Croes , M. Christiaans, M. Hennep, T. Kock , J.
Mansur, J. Naar, O. Orman, E. Rozenstand, J. Tromp, W. Rutgers, R. de Veer, F. Williams en F. Winklaar, die een of meer
boeken hadden gepubliceerd. Deze groep kan worden aangevuld met D. Henriquez,
J. Thönnissen, J. Leslie en Q. Nicolaas die hun werk zowel in het Papiamento
als het Nederlands publiceren of zoals G. Ecury uitsluitend in het Nederlands
schrijft.
De
laatste jaren wordt meer de nadruk gelegd op historische verhalen en kronieken.
Tot deze groep kunnen M. Christiaans (Perseverancia), J. Naar en R. de Veer (Un
siglo di recuerdo)gerekend worden. Een echte literaire stroming is er niet voortgekomen,
wel kunnen een aantal genres worden aangeduid als kroniek, korte verhalen,
familie- en historische roman, toneel, streekroman en essays. Of deze aanvulling
en verandering in de Arubaanse literatuur ook verder gestalte krijgt, valt
vooralsnog te bezien.
Op het
gebied van de poëzie zijn er eveneens een aantal verschuivingen waar te nemen.
Niet alleen worden steeds meer gedichten in twee of drie talen, ook de
thematiek is in de loop de jaren sterk veranderd. Het gaat al lang niet meer
over de liefde, de natural bridge en eenzaamheid. De passieve houding van de
overheid in het nieuwe millenium resulteerde in een tegenbeweging, waarvan nu
sprake is van een kunstenaars- en een schrijversbeweging in opkomst.
Vanaf 2010
is The Pancake Gallery actief met workshops voor jongeren op tal van terreinen
van kunst, poëzie tot theater. Samen met de in 2008 opgerichte kunstenaars-organisatie
- de Aruba Arts Community - die alle
disciplines onderdak biedt, zijn er ruim tweehonderdenzestig kunstenaars
verenigt. Dit collectief heeft de potentie om uit te groeien tot een beweging
van formaat, indien goed geleidt, grotere betrokkenheid toont bij kunst en
cultuur en gebruikmaking van de sociale netwerken.
Een
ander fenomeen is dat men steeds minder een recensie van een boek in de kranten
terugvindt. In de papiamentstalige dagbladen tref je dit evenmin. Op zich een
enorm gemis voor de krantenlezer die niet kan beoordelen of een boek wel of
niet de moeite waard is om te lezen. Elk boek - hoe goed of slecht het is
geschreven – dient gerencenseerd te worden. Een recensie is een onderdeel van
het proces: schrijver – boekpresentatie – recensie – boekhandel.
Behalve de
recensie zijn haast geen artikelen – behalve een persbericht i.v.m. een
boekpresentatie – te lezen over literatuur. De constatering hierbij is dat
indien de dagbladen hier geen aandacht schenken of het niet eerder een taak is
van vertegenwoordigers uit het literaire circuit om zorg te dragen dat een
recensie wordt geschreven.
Deel III verschijnt op 21-12-2011
|