Mark Lieffers beschrijft speciaal voor Caribe Magazine twee heel bijzondere duikervaringen in het warme water bij het eiland Grand Bahama in de Bahamas: met haaien en met dolfijnen.
Kaholo heeft dit duidelijk vaker gedaan. Voor mij is het de eerste keer. Vol verwachting neem ik mijn ademapparaat uit mijn mond en tuit ik mijn lippen. Een seconde later kust de volwassen dolfijn mij. De kus duurt een paar seconden. Dan trekt hij zijn spitse snuit weg en zwemt verder, naar de volgende duiker. Ze neemt nog snel een teug perslucht en geeft zich dan graag over aan de dolfijnenkus.
De opwinding op de boot was groot, we gaan duiken met dolfijnen! Twee vrouwelijke duikers hupten als kinderen zo blij bij het vooruitzicht. De ervaren duikstaf van Unexso, de duikorganisatie op Grand Bahama die deze unieke ervaring aanbiedt, genoot van ons enthousiasme. We haalden Kaholo en zijn broer Cacique op bij hun bassins. Geboren in gevangenschap, zijn ze getraind om met duikers onder water te spelen. Dat is iets unieks.
Zwemmen met dolfijnen, vaak in afgesloten gebieden, soms in open water, is populair in veel tropische bestemmingen. Duiken met dolfijnen leek onmogelijk, want de zeezoogdieren zouden niet houden van de luchtbellen die duikers uitademen. Een theorie is dat die luchtbellen de geluidsgolven, die dolfijnen gebruiken om de omgeving te verkennen en eten te zoeken, zouden verstoren. Maar deze twee mooie dieren hebben daar blijkbaar geen last van.
Misschien helpt het ook, dat ze een haring van de trainers krijgen, na elke interactie met een duiker.
Kaholo en Cacique zwemmen tussen onze boot en het bootje met hun twee trainers de oceaan op. Regelmatig springen ze met een sierlijke boog hoog op uit het water. Dan is het tijd om onder water te gaan. De felle zon in de strakblauwe lucht reflecteert op het witte zand op 15 meter diepte. Daar wachten de grijze dolfijnen al op ons. We zakken langzaam naar hen toe. Als we allemaal op de zandbodem zitten, laten de broers zien wat ze kunnen.
Cacique gaat pal naast mij staan, met zijn staart op de bodem. Ik mag hem aaien. Het valt op dat hij krassen op zijn huid heeft en dat er stukken uit zijn rugvin zijn. Dat komt door onderling stoeien, waarbij de dolfijnen ook hun scherpe tanden gebruiken. Zo stevig wordt het bij ons niet, wij houden het vriendelijk. Ik kijk de dolfijn aan, en hij kijkt terug. En mijn glimlach zie ik ook bij Cacique. De natuurlijke vorm van zijn bek is echt een grijns! Dan zwemt het prachtige dier naar de trainer. Hij vindt dat hij een visje heeft verdiend en dat krijgt hij ook.
Voor de tweede actie moeten de duikers om de beurt gaan staan en hun arm uitstrekken, met de hand open.
Op commando zwemt de dolfijn naar ons toe, duwt zijn snuit in de hand en toont hoe sterk hij is. Met krachtige slagen van zijn staart maakt hij zoveel vaart dat we één, twee, drie keer een rondje om onze as maken. We tollen nog na, van de snelheid en van plezier, terwijl de artiesten hun volgende hapje ontvangen.
En dan volgt dus de kusscène. Kaholo heeft net zo’n vriendelijke lach op zijn snuit als zijn broer. De bubbels van mijn duikfles doen hem niets.
En al heeft hij deze romantische actie al veel vaker gedaan, het onderwaterkussen doet de dolfijn toch nog wel wat: ook Kaholo moet af en toe, tussen het kussen door, naar boven om naar adem te happen!
Uitgekust drijven we gewichtloos nog tien minuten over het rif, samen met de twee dolfijnen. Ze volgen ons ontspannen duiktempo door het water. Op het laatste commando bewegen de dolfijnen hun buikvinnen vooruit en achteruit. Wij zwaaien terug. En dan zijn ze weg, achter de boot van hun trainers aan. Wat een fantastische duik! Weer boven water, op de boot, is iedereen helemaal blij. We zijn het er allemaal over eens: Kaholo en Cacique hebben een emmer haring verdiend!
Haaienvoer
Het zwarte silhouet onder mij is zó herkenbaar, van alle documentaires. Ronde kop, taps lijf, zijvinnen en een staartvin. Ik zie er drie, ongeveer tien meter onder me, in hetzelfde water waar ik net in mijn duikpak in ben gesprongen. John, onze safetydiver, geeft het sein dat we de lucht uit onze duikvesten kunnen laten en ons naar beneden mogen laten zinken. Naar de haaien.
Om te zien hoe ze, vlak voor onze ogen, gevoerd worden. Zou je dat nou wel doen, je opzettelijk tussen ongeveer vijftien Caribische rifhaaien van anderhalf tot twee-en-een-halve meter lang laten zakken? Dit is wat ik wil en wat Unexso hier al 24 jaar organiseert. Ik ga dieper onder water. CJ, een Amerikaanse beroepssoldate, kent (ook?) geen angst en daalt mee.
Cristina Zenato, de haaienexpert van Unexso, werkt al jaren aan deze duik en aan haaienbescherming. Net als aan bewustwording van schoolkinderen én volwassenen op de Bahamas en daarbuiten. Op 1 juli 2011 is in de Bahamas een wet aangenomen, die haaien in de zee rond de eilanden beschermt, waar ze heel blij mee is. Enthousiast vertelde ze voor onze duik over haaien, de ontwikkeling van de haaienduik, hoe veilig deze is en dat er nog nooit ongelukken zijn gebeurd.
Aan dat laatste denk ik nu. Ik ben niet bang, wel vind ik het spannend. Bij alle “gewone duiken” in de Bahamas heb ik haaien voorbij zien zwemmen, maar dat is wat anders dan tussen een groep haaien zitten die gevoerd wordt….Veilig geland op de zeebodem bij een klein scheepswrak, staat Andy drie meter voor ons, in een metalen haaienvoerpak. Hij heeft een metalen koker met stukken vis. De haaien zwemmen al om hem heen en dus ook om ons heen.
Bij de briefing voor de duik was CJ en mij verteld dat we op de zeebodem schouder aan schouder moesten gaan zitten, “dan zwemmen de haaien niet tussen jullie door”. Nee, dat doen ze wel tussen onze hoofden door, als je geen staartvin van een omkerende haai in je zij of buik krijgt. Of van de meterlange tandbaars, die de hele tijd naast ons hangt. Zoekt hij beschutting bij ons of een restje vis? Bijzonder gezelschap is hij zeker, net als de enorme groene murene die een paar meter verderop onder het wrak woont.
Ze zijn echt overal. Soms zie ik door de grijze kluwen vinnen met zwarte punten en witte buiken Andy nauwelijks meer.
Zes, zeven grote haaien drommen dicht om hem heen als hij de koker opent en een vis in een brede haaienbek stopt. Zilveren horsmakrelen met gele staarten en geelvinbarbelen zwemmen mee, hopend op een visrestje. Het is een spektakel. Een waanzinnig mooi spektakel. Een haai zwemt met open bek op me af, kijkt me indringend aan, ziet dat ik geen eten heb en draait weg, dertig centimeter voor me. Twee haaien hebben grote vishaken in hun mondhoeken, één met een stuk lijn.
Ik denk even aan Cristina’s werk. Andy slaagt er in de neus van een haai zo te masseren, dat hij in slaap lijkt te vallen en zich laat optillen. Voorzichtig brengt hij de haai naar ons toe, zodat wij hem kunnen aaien. De huid is veel zachter dan het schuurpapier dat je voelt als je een stuk dode haaienhuid aait. Ademloos zijn we niet, dankzij de perslucht in onze tanks, maar wat ongelofelijk is dit! Op de zeebodem zittend, midden tussen de haaien, komen we ogen tekort.
Angst is er niet, de spanning is opwinding geworden. En bewondering. Wat een indrukwekkende roofdieren! Na twintig minuten is het eten op. Als een soort rattenvanger loopt Andy in zijn glimmende pak weg, over de zeebodem. Hij trekt een sliert gele, zilveren en grijze vissen en haaien met zich mee. Het is een surrealistisch gezicht, en een mooie afsluiting van deze unieke ervaring. Helemaal onder de indruk, gaan wij ook weg bij het wrak.
Terwijl we rustig rondzweven, zwemmen twee haaien vlakbij ons. Naast de opwinding, is er ook de gewenning.”Oh, kijk, nog een haai”. Uit het water, in de zon, kijken CJ en ik elkaar aan. Ze straalt en zegt niets. Haar donkergrijze ogen beschrijven dat haast onbeschrijfelijke gevoel. Onoverwinnelijk, zo voel ik me. Nog dagenlang zie ik de beelden voor me, van hoe ik naar de haaien ging.
Tekst en foto’s © 2011 Mark Lieffers / Mark Lieffers Woord en Beeld.
Alle rechten voorbehouden. Kijk ook op WWW.MLWNB.NL
Overname van tekst en /of foto’s is mogelijk, na overleg via
Dit e-mailadres is beschermd door spambots, u heeft Javascript nodig om dit onderdeel te kunnen bekijken
|